Unit 1.2

Rangtelwoord

Telwoorden - 1 minute

Download Download eBook Download ebook

Introduction

Een telwoord (of numerale) is een woord waar we een aantal of een rangnummer mee aanduiden. We onderscheiden hoofdtelwoorden en rangtelwoorden.

In dit gedeelte leren we de rangtelwoorden van 11 tot en met 20.

 

Form

11eelfde
12etwaalfde
13edertiende
14eveertiende
15evijftiende
16ezestiende
17ezeventiende
18eachttiende
19enegentiende
20etwintigste
  1. Tot ‘negentiende’ vormen we het rangtelwoord door –de achter het hoofdtelwoord te zetten.
  2. Uitzonderingen hierop: eerste, derde, achtste.
  3. Vanaf ‘twintig’ schrijven we –ste achter het hoofdtelwoord.

Example

Use

  1. We gebruiken het rangtelwoord om een volgorde aan te geven.
  2. Bij breuken wordt de teller als hoofdtelwoord en de noemer als rangtelwoord uitgesproken.
  3. We gebruiken een rangtelwoord om de datum aan te geven.
  4. Als we weten over welke maand het gaat, mogen we de maand weglaten en alleen het rangtelwoord gebruiken.
  5. We gebruiken het rangtelwoord voor leeftijden.
  6. We gebruiken een rangtelwoord voor een opsomming met ‘ten’.
  7. We gebruiken een rangtelwoord bij namen van koningen/koninginnen of pausen.
Books4Languages feedback

Licentie

Dutch Grammar A2 Level Copyright © 2018 by books4languages. Alle Rechten Voorbehouden.

Copy link